Waterverbruik van een wasmachine en droger set
Het waterverbruik van je set bereken je met de liters per wasbeurt en je aantal wasbeurten. In ons rekenvoorbeeld is dat 48 × 200 ÷ 1.000 = 9,6 m³ per jaar. Vermenigvuldig dit met je eigen prijs per m³ voor de variabele waterkosten. Condenswater uit de losse droger tel je niet opnieuw als kraanwater. Water voor bijzondere stoom- of reinigingsfuncties bekijk je apart.

2 apparaten, verschillende waterstromen
Bij een set wast de wasmachine met water en droogt een afzonderlijke droger de natte kleding. In een condensdroger, waaronder een warmtepompdroger, wordt vocht uit het wasgoed opgevangen als condenswater. Dat gaat naar een reservoir of via een slang naar de afvoer. Een volle condensbak betekent dus niet dat de droger die hoeveelheid nieuw leidingwater heeft gebruikt.
- WasmachineLeidingwater voor de wasbeurt.
- Nat wasgoedVocht gaat met de kleding naar de droger.
- CondenswaterDe droger vangt dit op of voert het af.
Schematische uitleg van gewone condensdroging. Beoordeel aanvullend water voor bijzondere stoom- of reinigingsfuncties apart, volgens de handleiding.
Ook een afvoeraansluiting vertelt alleen waar het condenswater naartoe gaat. Je telt dat water niet opnieuw bij de wasbeurt op. Voor het aanleggen of combineren van de afvoer kun je verder lezen bij de duo-afvoer.
Bekijk stoom en reiniging afzonderlijk
Voor bijzondere functies kan een losse droger wel extra water nodig hebben. Bij bepaalde stoomdrogers beschrijft AEG bijvoorbeeld het bijvullen van een apart stoomwaterreservoir. Kijk daarom in de handleiding van jouw uitvoering welk water nodig is en hoe dat systeem wordt gevuld. Uit de naam stoom kun je geen vast aantal liters per beurt afleiden.
Controleer een reinigingsfunctie op dezelfde manier. De naam zelfreinigend zegt niet hoeveel nieuw water nodig is. Zoek of de functie bestaand condenswater gebruikt, aanvullend water vraagt of dat je onderdelen zelf moet reinigen. Bereken aanvullend water apart zodra je weet hoeveel jouw apparaat voor die functie vraagt en hoe vaak je die gebruikt. Tel nieuw kraanwater dan op bij je jaarverbruik. Schrijft de fabrikant een andere watersoort voor, zoals bij het genoemde stoomreservoir? Begroot die aankoop dan apart in plaats van met je kraanwatertarief.
Een wasdroogcombinatie is een ander soort apparaat. Daar vinden wassen en drogen in 1 machine plaats. Een waterwaarde van een volledige was-droogcyclus kun je daarom niet gebruiken als verbruik van een set met 2 losse apparaten.
Lees liters los van de energieklasse
Op het wasmachinelabel vind je bij het kraansymbool het waterverbruik in liter voor 1 cyclus van eco 40-60. Dat verschilt van het stroomcijfer, dat per 100 cycli staat vermeld. Vermenigvuldig het watercijfer voor een jaarberekening dus rechtstreeks met je aantal beurten.
De energieklasse levert geen vaste literwaarde op. Vergelijk het afzonderlijke watercijfer van de apparaten die je bekijkt. Houd ook rekening met de capaciteit en het programma, zodat je weet wat je naast elkaar zet. Een korter programma is niet alleen door zijn duur aantoonbaar zuiniger met water.
Gebruik je meestal een ander programma of extra spoelen? Zoek dan in de verbruikstabel van de handleiding hoeveel liter bij dat programma, die optie en jouw belading hoort. De eco-waarde helpt je apparaten te vergelijken, maar voorspelt niet elke wasbeurt. Reken een halfvolle trommel ook niet automatisch als de helft van het labelwater. Gebruik daarvoor de gegevens over die belading en dat programma. Ontbreken die? Dan kun je met de labelwaarde alleen een schatting op basis van eco 40-60 maken.
Bereken jaarverbruik en waterkosten
Je berekent eerst de hoeveelheid water en daarna de kosten. De formule is liters per beurt × aantal beurten per jaar ÷ 1.000 = m³ per jaar. Je deelt door 1.000 omdat 1 m³ gelijk is aan 1.000 liter. Vermenigvuldig de uitkomst in m³ met je eigen prijs per m³ water.
Voor een voorbeeld kiezen we 48 liter per beurt en 200 wasbeurten per jaar. Dat wordt 48 × 200 = 9.600 liter, oftewel 9,6 m³. Bij een gekozen rekentarief van € 2 per m³ kost die waterpost € 19,20 per jaar. Zowel het watercijfer als het tarief is voorbeeldinvoer, geen actueel modelverbruik of tarief van een waterbedrijf.
Gebruik voor jouw begroting de prijs per m³ op je eigen waterrekening. Dat is het deel dat met je verbruik meebeweegt. Vastrecht en andere vaste bedragen blijven buiten deze berekening: die vervallen niet door 1 wasbeurt over te slaan. Deel daarom niet zomaar je totale jaarrekening door het aantal m³, want dan tel je die vaste bedragen mee. Neem eventuele andere verbruiksafhankelijke kosten alleen mee volgens je eigen rekening. Stroom, wasmiddel en aanschaf zitten niet in dit waterbedrag.
Gebruik je verschillende wasprogramma’s? Bereken dan per programma de liters per beurt × het aantal beurten. Tel de liters bij elkaar op en deel het totaal door 1.000. Met de calculator hieronder kun je ook ieder programma apart doorrekenen en de jaaruitkomsten optellen. Het aantal wasbeurten is de invoer, niet het aantal droogbeurten.
Wat kost jouw waswater?
De ingevulde waarden komen uit het rekenvoorbeeld in deze tekst. Vul jouw eigen labelwaarden, aantallen en tarief in.
Gebruik liters per beurt voor jouw programma en belading. Vul je eigen prijs per m³ in; vastrecht hoort daar niet bij.
Liter per beurt × beurten ÷ 1.000 × €/m³. Alleen de variabele waterkosten; stroom, wasmiddel en vaste kosten zijn uitgesloten.
Wat leveren andere beurten op?
We veranderen nu telkens 1 onderdeel van het voorbeeld. Zo zie je wat minder liters per beurt en minder wasbeurten opleveren. Het gekozen tarief blijft € 2 per m³. Bij de vergelijking van 48 en 38 liter gaan we uit van dezelfde hoeveelheid was per beurt. Vergelijk je echte apparaten? Controleer dan eerst of die dezelfde hoeveelheid was verwerken.
| Scenario | Liter per beurt | Wasbeurten per jaar | m³ per jaar | Waterkosten per jaar |
|---|---|---|---|---|
| Uitgangspunt | 48 | 200 | 9,6 | € 19,20 |
| Minder liter per beurt | 38 | 200 | 7,6 | € 15,20 |
| Minder wasbeurten | 48 | 160 | 7,68 | € 15,36 |
Schuif opzij voor alle kolommen.
Het verschil van 10 liter per beurt levert in dit voorbeeld 2 m³ en € 4 per jaar op. Bij 40 minder wasbeurten gaat het om 1,92 m³ en € 3,84. Leg die jaarlijkse besparing naast de meerprijs die je overweegt. Een duurder apparaat betaalt zich daarmee niet vanzelf terug. Bij een nieuwe set tellen ook het stroomverbruik, de capaciteit en je gebruik mee.
Ga je alleen minder vaak machinaal drogen en blijft de wasmachine 200 keer draaien? Dan blijft de waswaterpost in dit voorbeeld 9,6 m³. Je bespaart daarmee wel droogbeurten, maar geen waswater. Het effect op elektriciteit vind je bij het stroomverbruik van de set.
Minder water gebruiken zonder verkeerd te rekenen
Vul volgens het gekozen programma
Was een passende lading voor het gekozen programma en doseer wasmiddel volgens de voorschriften. De maximale programmalading kan lager zijn dan het grootste vulgewicht van de machine. Vul de trommel dus tot de lading die voor dat programma is toegestaan, zonder hem vol te proppen.
Tel alleen echt vervallen wasbeurten
Kun je kleine wasjes combineren zonder kleuren, textiel of onderhoudsvoorschriften te mengen die apart moeten blijven? Dan kun je bekijken of een wasbeurt werkelijk vervalt. Tel alleen die vervallen beurt mee in je besparing. Minder vaak starten terwijl je dezelfde hoeveelheid later in extra programma’s wast, hoeft niet dezelfde winst te geven.
Vergelijk concrete apparaatcijfers
Kies bij een aankoop op concrete water- en stroomcijfers van de apparaten die je vergelijkt. Een merknaam, hoge prijs of stille motor vertelt je niet hoeveel liter jouw gekozen wasprogramma vraagt. Bij de keuze van een wasmachine en droger set beoordeel je die eigenschappen samen.
